aanmelden
Reportage over de gitaristen op Eurosonic Noorderslag 2020
Gevaarlijke rock en dampende fusion
Muzieknieuws 24-01-2020 13:01
In de muziekindustrie is het nieuwe jaar pas echt begonnen als Eurosonic Noorderslag is afgetrapt. De redactie van Gitarist was ook dit jaar weer van de partij bij het showcasefestival in Groningen, om zoveel mogelijk acts uit Nederland en België aan het werk te zien. We deden ook interviews, die je binnenkort in Gitarist kan lezen.  

Door Kevin Pasman
tenzij anders vermeld bij de diverse alinea’s 

 
Indian Askin - foto Kevin Pasman

Indian Askin
Aan Indian Askin de eer om het Eurosonic Air-podium op de eerste avond te openen en dat doet de band overtuigend. Het kwartet past dan ook uitstekend bij het podium: ze zijn het predicaat “veelbelovend” inmiddels voorbij en ze zijn in staat om een groot publiek te trekken. Op de Grote Markt gaat het publiek in elk geval in een mum van tijd mee in hun melange van psychedelische garagerock, punk en De Staat-achtige dansritmes. Ferry Kunst speelt bijzonder dynamisch en weet daarmee de stampende stukken even sterk over te laten komen als de ingetogener passages. Chino Ayala is een aanstekelijke frontman met een flink arsenaal aan gitaren, maar dat is ook niet zo vreemd als je je bedenkt dat bijna ieder nummer in een andere stemming is.

Meadowlake
Drie kwartier Meadowlake en geen seconde spelen Jarno Olijve en Erik de Breij dezelfde gitaarpartijen. Het Groningse vijftal weet heel goed hun partijen te verdelen zodat het klankspectrum optimaal benut wordt. Dat houdt in dat Olijve grotendeels het ondersteunende werk op zich neemt en De Breij zich richt op sfeervolle kleuring met een mooie delay en hier en daar een eBow. Daaronder bouwt bassiste Sélina Aerts een stevig fundament van ongecompliceerde, maar solide en bijna dansbare baspartijen. Omdat haar partijen en het spel van drummer Tjeerd Bennink steviger zijn dan bij de gemiddelde indierock- en dreampopband heeft de muziek van Meadowlake iets opvallend krachtigs. En als er nog twijfelaars zijn, trekt hun sympathieke uitstraling die alsnog over de streep.

 
Eefje de Visser - foto Eric van Nieuwland

Eefje de Visser
Aan de vooravond van de release van haar nieuwe album ‘Bitterzoet’ mag Eefje de Visser twee keer met haar band aan komen treden. Dat is spannend, want inmiddels is het altijd maar de vraag waar De Visser muzikaal gezien mee komt. Nog verrassender is het feit dat ze met een basgitaar – een Fender Precision – het podium betreedt, al wisselt ze al snel naar een Fender Mustang. Het nieuwe materiaal van De Visser blijkt gemaakt voor de Stadsschouwburg en de grote zaal van de Oosterpoort. Het is donker, subtiel, maar toch scheurend. Het staat op een fundament van afwisselend elektronische en meer akoestische ritmes van Klaas De Somer, die de muziek even theatraal als dansbaar maakt. De Vissers gitaarpartijen zijn eenvoudig, maar uiterst effectief en ook opvallend: ze weet performance art-achtige stukken in haar show te verwerken zonder dat ze haar Mustang daarvoor opzij hoeft te zetten.

Judy Blank
Judy Blank live zien is altijd leuk. Blank heeft een gezonde dosis humor en een gevarieerd oeuvre aan liedjes. Of ze tijdens een van haar vele reizen naar Nashville een en ander over songwriting heeft geleerd of het gewoon al in zich heeft: ze wisselt moeiteloos van country naar pop en via funky soul weer terug zonder dat haar set daar ooit onsamenhangend van wordt. Haar eigen spel, zowel akoestisch als elektrisch, is lekker hartstochtelijk en de wisselwerking met Stefan Wolfs is subliem. Wolfs wisselt tussen een SG en bijzonder subtiel, maar bijna symfonisch werk op de pedalsteel. Ja, americana is een belangrijk deel van Blanks oeuvre, maar ze heeft de potentie om een veel breder publiek te bereiken. Dat vond de jury van het Cultuurfonds Pop Stipendium blijkbaar ook, want die mocht Blank op de laatste dag van Eurosonic in ontvangst nemen.

Sloper
Eurosonic Air is meestal een podium voor bands die al enige bekendheid hebben. Voor Sloper was het na twee try-outs hun eerste echte optreden. Toch was het geen groot risico voor de organisatie: in Mario Goossens en Cesar Zuiderwijk heeft de band twee ervaren topdrummers. En ook gitarist Fabio Canini (Dirty Hips) en frontman Peter Shoulder (The Union) zijn geen nieuwkomers. Aan energie geen gebrek tijdens de show van Sloper. De muziek van het kwartet ligt niet mijlenver bij de bluesy stonerrocksound van Triggerfinger vandaan, maar is over de gehele linie wat meer catchy en direct. Het valt geen seconde op dat de band geen bassist heeft door het extra laag van de suboctavers. Verder is het bewonderenswaardig dat de band niet op het roemruchte verleden van zijn drummers leunt; op één riff uit Radar Love en de cover I’m Alive na is het allemaal uitstekend eigen werk wat de band speelt. Drumsolo’s zijn er natuurlijk ook. En dan vooral in de vorm van een heuse drumbattle tussen Goossens en Zuiderwijk. Toch zijn het vooral de nummers die het doen bij Sloper. Absoluut een band om in de gaten te houden.

Black Mirrors
Black Mirrors uit België gooit hoge ogen met een zeer volwassen classic rocksound in een modern jasje. Zangeres Marcella Di Troia is een ijzersterke performer met een stevige strot. Gitarist Pierre Lateur is duidelijk geïnspireerd door onder meer Hendrix, wat vooral duidelijk te horen tijdens zijn goed gedoseerde solomomenten. Ook zijn er muzikaal gezien raakvlakken met Led Zeppelin, Queens Of The Stone Age en Anouk. Nogal namen om tegenop te leven, maar deze band heeft alles in zich om nog lang op het hoogste niveau mee te draaien. Zo zie je maar weer dat je niet per se origineel hoeft te klinken om wel aan te slaan. En dat Lateur op een Fender Strat speelt, is eigenlijk best verrassend, vindt hij ook zelf. Meer hierover binnenkort in het interview in Gitarist! (Patrick Lamberts)

Stake
Er wordt wel eens gezegd dat rockmuziek niet gevaarlijk meer is. Die memo heeft het Vlaamse Stake duidelijk nog niet gehad. Hun muziek is bikkelhard en onvoorspelbaar. En zelfs fysiek gaat de band er vol voor. Maar het is meer dan alleen rammen. Naast de zware beukriffs zit er ook opvallend veel verfijnd gitaarwerk in de muziek van Stake, met de dubbelstemmige gitaarlijnen van Cis Deman en Brent Vanneste als hoogtepunten. Dat de nummers erg climactisch zijn komt voor een deel door de gelaagde gitaarpartijen, maar zeker ook door hoe hij zijn kracht opbouwt. Geen makkelijke muziek – Stake is veel complexer dan de band in eerste instantie overkomt – maar zeer overtuigend.

Noorderslag lijkt dit jaar internationaler dan ooit. Alle bands op het festival opereren nog altijd vanuit Nederland, maar er zijn bands die zoveel nationaliteiten hebben dat de Nederlanders in de minderheid zijn. Dat zorgt mede voor een interessante samenkomst van invloeden.


Simon Cesarini van GreyHeadzfoto Eric van Nieuwland


GreyHeadz
Er is op Noorderslag geen podium dat zo’n vast publiek heeft als de CBK-zaal. Qua stijl is deze door NPO Soul & Jazz georganiseerde zaal ook de meest constante, maar variatie is er alsnog genoeg. Zo trapt het internationale “future funk”-collectief GreyHeadz de avond af. Het is dan nog vroeg, maar daar is weinig van te merken. De muziek van de band doet sterk aan Herbie Hancock’s Headhunters denken, maar wel een Headhunters die de ontwikkeling van de hiphop goed in de gaten gehouden heeft. Vette grooves dus, die sterk neergezet worden door drummende bandleider Nello Biasini en het smerige, synthesizer-achtige basgeluid van Damien Roussos. Intussen heeft wel iedereen in de band een jazzachtergrond, dus er is volop ruimte voor spannende improvisaties. Als gitarist Simone Cesarini de kans krijgt, verwisselt hij zijn cleane slagjes en spacey effectgebruik opeens voor een bluesy jazzrocksolo die zich kan meten met de grote namen in het genre. GreyHeads zet een krachtige show neer en is een must voor fusionliefhebbers.

Altın Gün
Bands met een Grammy-nominatie en een boeking op Coachella 2020 zijn niet heel gebruikelijk op Noorderslag, maar Altın Gün pakt met zijn dansbare mix van traditionele Turkse muziek, psychedelische rock en funk muziekliefhebbers overal ter wereld in. Inclusief in Turkije zelf. Dat de band zo goed ontvangen wordt is goed te begrijpen. Het is binnen een minuut duidelijk dat de band de oude Turkse psychrocknummers speelt omdat ze van de sound houden en als publiek heb je geen keuze om daarin mee te gaan. Gitarist Ben Rider heeft er geen moeite mee om met zijn heerlijk warme begeleidende partijen de virtuositeit aan sazspeler Erdinç Ecevit Yıldız over te laten en Jasper Verhulst vormt met zijn smerige, vaak gedempte baspartijen de onverwoestbare basis van ieder nummer. Ga deze band snel zien voordat we ze definitief kwijt zijn aan het buitenland.

Wies
De entreehal voor de Oosterpoort is de ideale plek voor Wies. De eenvoudige, frisse gitaarpop van het trio heeft direct impact en voorbijgangers die wat kunnen met deze sound blijven ook massaal hangen. Ook de opgewekte uitstraling van Wies – en dan met name zangeres/gitariste Jeanne Rouwendaal – doet wonderen voor hoelang het publiek blijft hangen, maar het komt wel degelijk door de pakkende melodieën en de even heldere als rammelende Telecastersound van Rouwendaal dat die uitstraling überhaupt toegevoegde waarde heeft.

The Sweet Release Of Death
De meest duistere klanken van het festival komen misschien wel van The Sweet Release Of Death. Wie tussen de regels door leest, realiseert zich al snel dat er veel zwarte humor in de muziek van het Rotterdamse trio zit, maar feit is dat de hyperactieve Martijn Tevel tussen spaarzame cleane tokkels een bijna onophoudelijke stroom angstaanjagende noisy partijen uit zijn Fender Jaguar en effectenpedalen perst. Frontvrouw Alicia Breton Ferrer is verantwoordelijk voor het traditionelere riffwerk, maar daar gebruikt ze dan wel een opvallend diep ronkende Rickenbacker-bas voor. Haar enigszins Hawkwind-achtige geluid is sterk vervormd, maar zonder dat dat ten koste gaat van het laag in haar sound. Het spel van drummer Sven Engelsman is economisch en stevig, maar niet te hard. Het is dan ook een pre voor de balans bij The Sweet Release Of Death dat hij tussen de noiserockmuren wat beheerster speelt.

Het Zesde Metaal
Het Zesde Metaal, waarin voorman Wannes Cappelle in het West-Vlaams zingt, maakt misschien niet per definitie gitaarmuziek. Het is al helemaal geen metal, mocht de naam je in verwarring brengen. Toch zijn er naast Cappelle - die heel af en toe een akoestische gitaar erbij pakt - nog twee gitaristen Tom Pintens en Filip Wauters, een stel ervaren klankconnaisseurs met twee heel eigen speelstijlen die elkaar fraai aanvullen. Ook de moeite waard om uit te lichten: het prachtige pedalsteelwerk van Wauters, die de toch al dromerige indiepop nog zaliger maakt. Lees het interview met Pintens en Wauters binnenkort in deze Gitarist! (Patrick Lamberts)

Queen’s Pleasure
Het Amsterdamse Queen’s Pleasure steekt zijn liefde voor Britse rockmuziek niet onder stoelen of banken. De muziek van het kwartet klinkt als een combinatie van de energieke bravoure van oude Britse punk en de fellere draai die britpopbands uit de jaren negentig aan Beatles-melodieën gaven. Compleet met Brits accent van zanger Jurre Otto. Doordat Teun Putker gewapend is met een Telecaster zit de band qua gitaarsound ook precies tussen die twee perioden in. Het lijkt erop dat drummer Sal Rubinstein de orde in de chaos op het podium bewaakt, want hij houdt zijn bandleden tijdens het spelen nauwgezet in de gaten. Enthousiasme kan de band niet ontzegd worden en daarom zou Queen’s Pleasure wel eens een grote band in het livecircuit kunnen worden.

Gumbo Kings
Wie na een uur ’s nachts nog energie heeft kan nog even bij de Gumbo Kings terecht voor een dansfeest in zuidelijk Amerikaanse stijl. Zoals de bandnaam al doet vermoeden is de met soulinvloeden doorspekte blues van het vijftal schatplichtig aan de tradities van New Orleans, maar daar geeft de band wel een wat modernere draai aan. Die zit hem vooral in het felle riffwerk van Marc Jansen, wat voor een rockfeel zorgt zonder dat de band ooit echt de bluesrockkant opgaat. Drummer Frankie Duindam speelt felle, pittige ritmes die zowel swingen als rocken. Gumbo Kings is een aanwinst voor het bluescircuit, maar is potentieel ook interessant voor algemenere festivals. (Kevin Pasman)